Een patiënt die maanden na een Covid-infectie nog steeds uitgeput is. Een sporter die sinds zijn vaccinatie niet meer vooruitkomt. Een patiënt met een aanhoudende hoest ondanks alle onderzoeken.
Wat hebben ze gemeen?
Volgens Dr Bertrand Kimmel, die zijn ervaring deelt in een Simplycure-webinar, vallen deze verwarrende beelden onder eenzelfde klinische entiteit: de “spikopathie”. De oorzaak is het Spike-eiwit, waarvan de pro-inflammatoire en aanhoudende effecten chronische symptomen in stand kunnen houden, zelfs zonder actief virus.
Dus, hoe elimineer je het Spike-eiwit (of liever gezegd, hoe verminder je de belasting en de gevolgen ervan) bij je patiënten? Hier volgt een gestructureerd overzicht van de belangrijkste punten uit dit webinar: herkenning, nuttige testen en een micronutritioneel detoxprotocol.
1. De veelzeggende signalen van het Spike-eiwit herkennen
In de dagelijkse praktijk zijn de klinische beelden vaak misleidend. Aanhoudende vermoeidheid, diffuse pijn of spijsverteringsklachten worden gemakkelijk toegeschreven aan stress of een reeds bestaande chronische aandoening. Toch moeten bepaalde signalen alarmbellen doen rinkelen en aanleiding geven om het Spike-spoor te onderzoeken.
Enkele van de vaakst gerapporteerde signalen door Dr Kimmel:
een overweldigende vermoeidheid, onevenredig aan de geleverde inspanning, soms gepaard met een daling van de VO₂ max bij sporters;
een aanhoudende hoest, vaak ten onrechte bestempeld als allergisch of als kinkhoest;
verschijnselen van dysautonomie: hartkloppingen bij het opstaan, zweten of een onstabiele temperatuurregeling;
huid- of spijsverteringsklachten die wijzen op een slecht gereguleerd mestcelactivatiesyndroom (MCAS).
Het verschil zit in de aanhoudendheid langer dan 8 tot 12 weken, soms met een geleidelijke verergering. In dat stadium is het zinvol om de situatie biologisch te documenteren1.
2. Nuttige onderzoeken om te objectiveren
Dr Kimmel benadrukt dat er geen “wondertest” bestaat, maar dat bepaalde analyses helpen om het beeld te verduidelijken en de behandeling te sturen2.
Klinisch doelwitTe overwegen onderzoekenOntstekingUltragevoelig CRP, IL-6Auto-immuniteitAntinucleaire antistoffen (ANA), anticardiolipine-antistoffenVirale disimmuniteitLymfocytentypering, onderzoek naar reactivaties (EBV, CMV, gordelroos…)MestcellenDiaminoxidase (DAO)Oxidatieve stress / mitochondrieGereduceerd/geoxideerd glutathion, CoQ10 indien nodigOptioneelSpike-bepaling (laboratorium MMD, Magdeburg)
Het doel is niet om zoveel mogelijk testen te doen, maar om gericht te werk te gaan op basis van het klinische profiel.
Bij een sterk vermoeide patiënt is het zinvol om eerst het glutathion en de mitochondriale functie te onderzoeken. Bij spijsverteringsklachten of symptomen die wijzen op een histamine-intolerantie is de DAO-bepaling zeer relevant. Voor een eerder vasculair fenotype vormen de D-dimeren een nuttig aandachtspunt3.
3. Hoe elimineer je het Spike-eiwit: protocol in 4 pijlers
Zodra de signalen zijn opgemerkt en geobjectiveerd, blijft de vraag hoe te handelen. De strategie die Dr Kimmel voorstelt, is opgebouwd rond vier pijlers: ontsteking & mestcellen, microtrombose & endotheel, mitochondrie en microbioom.
De gemiddelde duur bedraagt vier maanden, met aanpassingen op basis van de symptomen en de biologische controles.
PijlerKlinisch doelBelangrijkste hulpmiddelenPraktisch om te onthoudenOntsteking & mestcellenChronische ontsteking en MCAS verminderenQuercetine, actieve curcuminoïden (THC), Desmodium, vitamine D, ReishiSelecteren op basis van het terrein (spijsvertering, lever, histamine)Microtrombose & endotheelVorming van microstolsels beperken en de vaatwand beschermenNattokinase, kornoelje (gemmotherapie), omega-3Versterken bij verhoogde D-dimeren of een uitgesproken vasculair fenotypeMitochondrieDe cellulaire energieproductie herstartenPQQ, NADH, fosfatidylcholine, magnesium (± CoQ10 bij bewezen tekort)Gericht op de “buitensporige” vermoeidheid en de daling van VO₂ maxMicrobioomDe diversiteit herstellen en dysbiose verminderenSymbiotica zoals kefir, DAO (bij MCAS), behandeling van candidose/dysbioseOnmisbaar, want 20% van de ACE2-receptoren bevinden zich in de darm
Het idee is niet om systematisch alle producten te stapelen, maar om de juiste hefbomen te kiezen op basis van het klinische profiel en de prioriteiten van het moment.
4. Illustratieve klinische casussen
Volgens Dr Bertrand Kimmel moeten bepaalde profielen de aandacht vestigen op een mogelijke spikopathie en de keuze van testen en protocol sturen:
Aanhoudende hoest na vaccinatie of na Covid
De antistofkinetiek controleren.
Denken aan een histamine-intolerantie of een slecht gereguleerd mestcelsyndroom (DAO, quercetine, Desmodium).
Ernstige vermoeidheid of plotse daling van VO₂ max
De oxidatieve stress en de mitochondriale functie onderzoeken4.
Aanbevolen ondersteuning: PQQ, NADH, fosfatidylcholine, CoQ10 afhankelijk van het profiel.
Vasculair fenotype met verhoogde D-dimeren / oedeem
Het trombo-embolisch risico opvolgen.
Mogelijke strategie: nattokinase (of alternatieven), gemmotherapie (kornoelje), antioxidanten.
5. Opvolging van de Spike-eiwitbelasting
Het detoxprotocol vraagt om een gestructureerde opvolging, die doorgaans in fasen verloopt.
Na 6-8 weken: de evolutie van de belangrijkste functionele symptomen beoordelen (vermoeidheid, slaap, kortademigheid, spijsverterings- of huidklachten). Dit is het moment om te bekijken of de bestaande strategie volstaat of dat bepaalde hefbomen versterkt moeten worden, bijvoorbeeld mitochondriale ondersteuning of een fibrinolytische werking.
Na 12-16 weken: bepalen of de vooruitgang geconsolideerd moet worden (met een geleidelijke afbouw van de doseringen) of dat het protocol op gerichte pijlers verlengd moet worden. Een aanhoudende hoest kan aanleiding geven om de histaminebehandeling voort te zetten, terwijl een daling van VO₂ max het handhaven van mitochondriale ondersteuning rechtvaardigt.
Controlebiologie: CRP us en IL-6 voor de ontsteking, gereduceerd/geoxideerd glutathion voor het detoxvermogen, D-dimeren in een vasculaire context, DAO bij vermoeden van een histaminesyndroom5.
Het doel is tweeledig: vermijden dat een intensieve kuur nodeloos wordt verlengd, maar ook voorkomen dat de behandeling te vroeg wordt stopgezet bij een patiënt die nog kwetsbaar is.
Conclusie: vooruitgang boeken tegen het Spike-eiwit
Het Spike-eiwit elimineren is geen theoretisch idee, maar een heel concreet vraagstuk in de dagelijkse klinische praktijk.
Risicoprofielen herkennen, waar relevant bevestigen met enkele gerichte testen, en vervolgens gecoördineerd inspelen op de ontsteking, de stolling, de mitochondrie en het microbioom: het is deze integratieve aanpak die tastbare verbeteringen bij patiënten mogelijk maakt.
Dr Bertrand Kimmel heeft dit in zijn webinar aangetoond: doordacht ingezet, wordt micronutritie een praktische en doeltreffende hefboom om vooruitgang te boeken tegen dit eiwit.
Wil je verder gaan in de begeleiding van je patiënten die te maken hebben met het Spike-eiwit? Neem contact met ons op!


