De dosering lezen: elementair zink staat voorop
Zoals bij alle mineralen vermeldt de Europese etikettering de inname aan elementair zink, af te zetten tegen de RI van 10 mg (Verordening (EU) nr. 1169/2011). Het gewicht van het zout is niet vergelijkbaar tussen de verschillende vormen: het is het elementaire gehalte dat telt.
De vormen in de catalogus
Zinkbisglycinaat
Chelaat van zink en glycine, ongeveer 20 tot 25% elementair zink. Een sterk vertegenwoordigde organische vorm, vaak gekozen door fabrikanten voor monodoses.
Zinkcitraat
Zout van citroenzuur, ongeveer 31% elementair zink, met een neutrale smaak, geschikt voor zowel zuigtabletten als capsules.
Zinkgluconaat
Zout van gluconzuur, ongeveer 13% elementair zink. Een historische vorm binnen de oligotherapie, veel gebruikt in tabletten.
Zinkpicolinaat
Complex van zink en picolinezuur, opgenomen in de catalogus in gerichte formules. Het elementaire gehalte en de dosering staan vermeld op de productfiche.
Zink en koper
Verschillende fabrikanten combineren zink en koper in eenzelfde formule; beide spoorelementen beschikken elk over hun eigen EU-claims. De exacte samenstelling staat vermeld op de productfiche.
Hoe kies je
Drie feitelijke criteria: de beoogde dosis elementair zink, de vorm (afweging tussen gehalte/oplosbaarheid/galenische vorm), en de aanwezigheid van combinaties (koper, vitamine C). De Zink-hub van de catalogus somt de producten op per vorm, met zorgverlenersprijs.


